square grey
square grey
square grey
square grey
square grey

JAN©

De plannen voor de (teruggave van) heffing van het box 3 vermogen.

Als de plannen doorgaan, komt er per 2026 een vermogensaanwasbelasting die ervoor zorgt dat het werkelijke rendement over het box 3-vermogen wordt belast. En hoe zit het met de jaren 2017 t/m 2025?

Staatssecretaris Van Rij van Financiën:
”Vermogen is jarenlang op een verkeerde manier belast. Mensen met spaargeld betaalden hierdoor te veel belasting, terwijl bezitters van onroerend goed door de sterke huizenprijsstijgingen juist te weinig betaalden.

Herstel en reparatie

Vanaf 2026 komt er dus een systeem dat eerlijker zou moeten zijn. Maar de jaren ervoor moeten ook worden aangepakt, er moet rechtsherstel komen voor mensen die box 3 heffing hebben betaald over de jaren 2017 tot en met 2020. Dit is uit het kerstarrest gekomen van de Hoge Raad. Tevens mogen alle nog op te leggen (definitieve) aanslagen niet in strijd zijn met het kerstarrest. Verder moet rekening worden gehouden met de uitvoerbaarheid en uiteraard de budgettaire consequenties. Inmiddels heeft Van Rij toegelicht hoe het herstel er uit moet zien. Tot en met 2025 wordt de zogenoemde ‘spaarvariant’ toegepast.

De spaarvariant

Een belasting conform de werkelijke heffing volgens een rendement per individu lijkt (op korte termijn) geen haalbare kaart. Om die reden zijn eerder twee varianten als optie genoemd (de spaarvariant en de forfaitaire variant). Onlangs heeft de Staatssecretaris laten weten dat het rechtsherstel op basis van de spaarvariant zal plaatsvinden.

Deze spaarvariant houdt in dat mensen met spaargeld worden belast op basis van de actuele spaarrente, dit was de laatste jaren 0%. Voor beleggingen (effecten, onroerend goed) wordt uitgegaan van een meerjarige forfaitair gemiddelde. Beleggers worden dan niet gecompenseerd voor mindere resultaten in een specifiek jaar en ook niet extra belast voor betere resultaten in een ander jaar. Voor schulden wordt aangesloten bij de hypotheekrente.

Zie onderstaande tabel voor de percentages door de jaren heen:

Als voorbeeld wordt de volgende berekening weergegeven:
Iemand met € 200.000 vermogen in 2020, waarvan € 150.000 spaargeld en de rest beleggingen krijgt € 916 terug. Iemand met € 200.000 vermogen en € 50.000 spaargeld krijgt geen geld terug, omdat er volgens deze variant meer belasting verschuldigd is dan er is betaald.

2017 – 2020

De 60.000 belastingplichtigen die bezwaar hebben aangetekend over de jaren 2017 tot en met 2020, hebben automatisch rechtsherstel gekregen op basis van de spaarvariant. Dit zal met name tot een teruggave leiden voor degene met spaargeld. Ook nog niet vastgestelde aanslagen vallen onder dit herstel vanaf half september 2022 krijgen belastingplichtigen hier bericht over.

Vrijdag 20 mei jl. heeft de Hoge Raad bepaald dat niet iedereen die te veel box 3 belasting heeft betaald daarvoor gecompenseerd hoeft te worden. Wanneer er te laat of geen bezwaar is gemaakt dan kan de rechter de Belastingdienst niet tot compensatie dwingen. Belangen organisaties zijn echter in gesprek met het ministerie van Financiën om te voorkomen dat er desondanks enorme aantallen brieven gezonden worden naar de fiscus om de rechten eventueel zeker te stellen.
Inmiddels is bekend gemaakt dat er een nieuwe Hoge Raad uitspraak komt begin 2023. Deze zaak staat in het teken van de vraag: Komen niet-bezwaarmakers in aanmerking voor rechtsherstel? Ben je een niet-bezwaarmaker dan hoef je geen nieuw verzoek in te dienen, iedereen kan aanspraak maken op deze uitspraak van de Hoge Raad.
Heb je na het Kerstarrest wel al een verzoek ingediend? Dan hangt het antwoord op het verzoek ook af van deze uitspraak. Er wordt een zogenaamde “massaal bezwaar plus”-procedure geïntroduceerd. Hierdoor wordt het mogelijk om voor grote aantallen verzoeken tot ambtshalve vermindering in één keer een besluit te nemen. Begin 2023 horen we dus meer over wat er gaat gebeuren voor belastingplichtigen die niet tijdig een bezwaar hebben ingediend.

2021 – 2022

De Belastingdienst heeft tot augustus 2022 geen definitieve aanslagen 2021 opgelegd bij een te betalen bedrag. Vanaf augustus 2022 zullen deze aanslagen gefaseerd worden opgelegd. Vanaf dit moment wordt de box 3 belasting berekend volgens de forfaitaire variant en de nieuwe spaarvariant. De box 3 belasting wordt vastgesteld op de laagste uitkomst van deze twee berekeningen.
Aanslagen over 2021 met een teruggave worden wel opgelegd (en uitgekeerd), en later in het jaar volgt de definitieve aanslag waarbij dan ook wordt gekeken welke variant het voordeligste uitpakt.
Voor 2022 geldt hetzelfde, de aangiftesoftware houdt echter voor deze aangiften al rekening met de toepassing van de voordeligste variant voor de belastingplichtige, dit zal dus direct tot juiste aanslagen zal leiden.

2023 – 2025

Er is inmiddels een overbruggingswetsvoorstel ingediend voor de jaren 2023, 2024 en 2025, welke gebaseerd wordt op de forfaitaire spaarvariant. De keuze mogelijkheid is verdwenen per 2023. Onder dit systeem worden overige bezittingen (zoals aandelen en panden) worden zwaarder belast dan spaargeld. Schulden tellen vanaf 2023 slechts nog deels mee voor de berekening van de box 3 heffing. Daarnaast hebben we te maken met de versobering van de leegwaarderatio voor verhuurde woningen. Hierdoor betalen belastingplichtigen met overige bezittingen en/of schulden en zeker met verhuurder woningen vaker meer box 3 belasting.
Speelt dit in jouw situatie? Laat je dan goed adviseren, het kan je veel belasting schelen.

2026 en verder

Het doel is om met ingang van 2026 een volledig nieuw box 3-stelsel te creëren op basis van werkelijk rendement. Er worden nu twee voorstellen bekeken. Een vermogenswinstbelasting waarbij de waardemutatie wordt belast in het jaar van verkoop. En een vermogensaanwasbelasting waarbij jaarlijks belasting in rekening wordt gebracht over het werkelijke rendement (zoals rente, dividend, huur en pacht, minus de daarop betrekking hebbende kosten) en de waardeontwikkeling van vermogensbestanddelen (zoals koerswinst of koersverlies van aandelen en waardestijging of waardedaling van onroerend goed). Het lijkt erop dat de vermogensaanwasbelasting de meeste kans maakt. Een voordeel van deze methode voor de Belastingdienst is dat de waardeontwikkeling van bijvoorbeeld een aandelenportefeuille jaarlijks wordt belast en niet pas wanneer de aandelen worden verkocht. Dit kan weer in het nadeel zijn van de belastingbetaler omdat je belasting verschuldigd bent over nog niet gerealiseerde rendementen.

Vragen?

Heb je hier vragen over? Neem dan contact op met je belastingadviseur bij JAN© of met Dave de Heiden via DavedeHeiden@JAN.nl of 088-2202318

Dit artikel is 7-11-2022 voor het laatst aangepast.

Meer inspiratie en inzichten voor ondernemers

Ontvang actueel en persoonlijk nieuws

Hoe breng je jouw onderneming verder? Meld je aan voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws.