square grey
square grey
square grey
square grey
square grey

JAN©

Voorjaarsnota: De sterkste schouders zullen meer lasten moeten dragen

Het kabinet heeft te maken met grote financiële tegenvallers. Zo is er meer geld nodig voor de AOW uitkeringen en defensie, via de voorjaarsnota laat het kabinet weten hoe ze aan dit geld willen komen.

Extra uitgaven voor de AOW uitkering en het defensiebudget

In het regeerakkoord is aangegeven dat de koppeling tussen de AOW uitkering en het minimumloon zou verdwijnen. Na grote tegenstand voor dit plan is nu toch besloten deze koppeling in stand te houden. Het wettelijk minimumloon (en dus ook de AOW uitkering) wordt jaarlijks tweemaal verhoogd in januari en in juli, naar aanleiding van de ontwikkeling van de CAO lonen. In 2023, 2024 en 2025 komt daar 2,5% bovenop. De minimumlonen, en dus ook de AOW uitkeringen stijgen dus met 7,5% extra. Ook zal er zal meer uitgegeven worden aan defensie in 2024 en 2025 zal dit 2% van het bbp zijn.

Hoe wordt dit betaald?

Als het aan het kabinet ligt zal er € 2,2 miljard minder uitgegeven worden aan klimaat- en groeifondsen, infrastructuur, onderzoek en innovatie. En uiteraard komt er een lastenverzwaring. Vermogenden en bedrijven zullen meer moeten dragen. Verder zal er naar verwachting met Prinsjesdag meer bekend worden gemaakt over de verhouding tussen lasten op vermogen en arbeid, er zou meer balans moeten worden aangebracht. Er wordt gekeken naar alternatieven voor bestaand beleid, vermogensverdeling en de evaluatie van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR).

De maatregelen gaan nogal veel over wijzigingen binnen het boxenstelsel van de inkomstenbelasting. Hoe werkt dit ook weer?
Via box 1 wordt de belasting berekend over je inkomen uit werk en woning (dus je salaris, uitkering, inkomsten uit onderneming, hier bovenop wordt het inkomen uit de eigen woning geteld (het eigenwoningforfait) geteld en dit bedrag wordt verminderd met aftrekposten zoals de hypotheekrente en de uitgaven voor inkomensvoorzieningen als een arbeidsongeschiktheids- of lijfrenteverzekering.
Via box 2 wordt het inkomen uit aanmerkelijk belang berekend. Je hebt een aanmerkelijk belang bij 5% van de aandelen in bijvoorbeeld een B.V., de dividenduitkeringen die je ontvangt worden via box 2 belast.
Via box 3 wordt het inkomen uit sparen en beleggen belast, dus je bankrekeningen, aandelen, maar ook een tweede huis en je overige bezittingen worden via deze box belast.

Concrete maatregelen die zijn genoemd in de voorjaarsnota:

  • Bedrijven gaan eerder het hoge VPB-tarief van 25,8% betalen. Nu betalen bedrijven 15% belasting over de eerste € 395.000 winst. De eerste schijf wordt verlaagd naar € 200.000 vanaf 2023. Bedrijven met minimaal € 395.000 winst betalen daardoor dus € 21.060 meer VPB in 2023 t.o.v. 2022.  
  • Vanaf 2024 komen er in box 2 van de inkomstenbelasting twee schijven 26% en 29,5%. Voor het box 2 inkomen tot € 67.000 zal het tarief gelden van 26%. Is het box 2 inkomen hoger dan wordt dit belast tegen een tarief van 29,5%. Nu is er een tarief van 26,9%, vanaf 2024 zullen hoge dividend uitkeringen dus zwaarder worden belast.
  • Een vast bedrag van je vermogen in box 3 is vrijgesteld van belastingen, dit is het heffingsvrije vermogen. In 2022 bedraagt het heffingsvrije vermogen € 50.650. Door middel van het Regeerakkoord is bekend gemaakt dat het heffingsvrije vermogen uiteindelijk verhoogd zou worden naar circa € 80.000. Deze verhoging wordt niet doorgevoerd.
  • Aanpassing van de doelmatigheidsmarge binnen het gebruikelijk loon van de DGA. De doelmatigheidsmarge die we nu kennen bedraagt 25%, deze marge regelt dat het loon voor de DGA 25% lager mag zijn dan het bedrag dat een zakelijk loon zou vormen. Deze marge wordt verlaagd naar 15%, hierdoor stijgt het salaris van DGA’s die gebruik maken van deze marge en moet er meer inkomstenbelasting via box 1 worden betaald.
  • De algemene heffingskorting (AHK) is een korting op de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen, de toepassing van deze korting zal wijzigen. Naast het box 1 inkomen gaat ook het inkomen uit box 2 en 3 meetellen voor de afbouw van de algemene heffingskorting. Hierdoor zullen mensen met voornamelijk box 2 of box 3 inkomens een lagere korting ontvangen dus meer belasting moeten betalen.
  • Werknemers met een specifieke deskundigheid die vanuit een ander land naar Nederland komen om hier te werken betalen minder belasting wanneer zij de 30% regeling kunnen toepassen. Deze regeling zorgt ervoor dat 30% van het loon onbelast is. De 30%-regeling wordt vanaf 2024 beperkt tot de Balkenende-norm, in 2022 is dit € 216.000.
  • Het algemene tarief van de overdrachtsbelasting stijgt per 2023 niet naar 9% maar naar 10,1%. Dit tarief geldt niet voor de eigen woning, wel voor een tweede woning, en niet-woningen zoals bedrijfspanden.
  • De inkomensondersteuning AOW (IOAOW) wordt verlaagd in 2023 en 2024 en afgeschaft per 2025.
  • Via het coalitieakkoord is een verhoging van de ouderenkorting gepresenteerd. Dit wordt teruggedraaid. Dit zou niet de ouderen raken met de laagste inkomens, aangezien zij niet in aanmerking komen voor de ouderenkorting. Wel raakt dit ouderen met (hoge) middeninkomens. Deze maatregel maakt geen verschil voor ouderen met hoge inkomens aangezien zij geen recht hebben op ouderenkorting.
  • Nu bestaat er binnen box 1 van de inkomstenbelasting een mogelijkheid om een deel van de winst van de onderneming te reserveren voor de oude dag en hier later over af te rekenen. De regeling die dit mogelijk maakt heet FOR of fiscale oudedagsreserve.  Dit is een fiscale aftrekpost die ervoor zorgt dat je nu minder inkomstenbelasting betaalt, als je gebruik maakt van de FOR heb je echt een belastingschuld. Er is sprake van uitstel van belasting. De FOR wordt afgeschaft per 2023, je kunt dan geen extra FOR meer opbouwen, wel mag een reeds bestaande FOR volgens de huidige regels worden afgewikkeld.
  • De onbelaste reiskostenvergoeding zou worden verhoogd per 2024. Dit wordt een jaar eerder. Naar verwachting stijgt het bedrag per 2023 naar 21 cent en in 2024 naar 23 cent per kilometer.

Wat betekent dit voor jou?

De voorjaarsnota bevat voornamelijk algemene voorstellen en standpunten. Zodra de plannen omgezet worden in wetsvoorstellen vermeldt JAN© dit op de website.
Door middel van de voorjaarsnota wordt er duidelijk gemaakt met welke regels we waarschijnlijk te maken krijgen vanaf 2023. Doe er je voordeel mee en anticipeer op de mogelijk komende wijzigingen. JAN© geeft drie voorbeelden:

  1. Ben je bijvoorbeeld voornemens een tweede woning of bedrijfspand aan te schaffen? Doe dit dan nog in 2022, hiermee bespaar je 1% tot 2,1% overdrachtsbelasting.
  2. Ben je voornemens een dividenduitkering te doen? Bekijk dan goed in welk jaar je wat uitkeert. Let hierbij wel op een eventuele dividendklem die kan zijn ontstaan door de corona steunmaatregelen.
  3. Overweeg jij een bedrijfsoverdracht? Lees dan nog eens ons artikel over de BOR (bedrijfsopvolgingsregeling) ook in de voorjaarsnota wordt weer aangegeven dat er gekeken wordt naar de regeling. Hiervoor geldt: We hebben een royale regeling, benut deze zolang het kan. 

Wil jij weten hoe deze voorstellen van invloed kunnen zijn op jouw ondernemingsplannen? Neem dan contact op met je adviseur bij JAN© om hierover te sparren.

JAN© houdt je via zijn website op de hoogte van de wijzigingen.

Meer inspiratie en inzichten voor ondernemers

Ontvang actueel en persoonlijk nieuws

Hoe breng je jouw onderneming verder? Meld je aan voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws.